zaterdag 23 mei 2015

De eerste ochtend activiteiten in Long Island City

Lekker de baas van Coca Cola pesten......
Volgens goed gebruik, was ik om 6 uur alweer wakker. Ik bleek niet de enige te zijn, want ook Simon en Frank lagen al naar het plafond te staren. Terwijl we René zacht ronkend achter lieten, liepen wij in het zonnetje het Ravel uit en Vernon Boulevard af, een nog slapend Long Island City in.  Onze wandeling ging naar Gantry Plaza State Park, gelegen aan de rand van de East River, waar een machtig mooi uitzicht was op de skyline van Manhattan met als sprankelend middelpunt het voor mij mooiste gebouw in New York, namelijk het Chrysler Building. In het park is een blikvanger een groot Pepsi Cola bord, wat daar neergezet is, omdat de directeur van Coca Cola over de rivier in Manhattan woonde en zo iedere dag dat hij vanuit zijn appartement naar buiten keek, direct een blik op het concurrerende merk kan werpen. Ongelofelijk kinderachtig en flauw......I like it!!! Na ongeveer twee uur door dit deel van Queens gewandeld te hebben keerden we weer terug naar het Ravel waar René inmiddels wakker was geworden en toilet had gemaakt. Aangezien we al vrij vroeg een afspraak met onze Big Apple Greeter gemaakt hadden, aten we ons ontbijt in het hotel. Ik had gehoopt dat het ontbijt op het dak plaats kon vinden, maar dat bleek niet mogelijk te zijn, waardoor we in een echt vervelende ontbijt zaal een marginaal ontbijt aten. Niet slecht, niet goed, maar niet voor herhaling vatbaar, want we willen graag zoveel mogelijk leuke dingen meemaken en hier straalde nou niet echt vreugde vanaf, hoewel de omelet wel lekker op maat gemaakt was (maar potverdikke, wat duurde het lang voordat die klaar was....). Nou ja, dat weten we dan ook weer. 

vrijdag 22 mei 2015

Hotel Ravel

Bier was snel gevonden
Na een uurtje in de metro te hebben gezeten, stapten we uit bij de halte Court Street (ook een halte die we nog veel zouden zien, deze vakantie). Het was 20 minuten lopen naar ons hotel, Ravel. Op de route naar het hotel kwamen we op ongeveer 100 meter een micro brouwerij tegen, waar een lokaal bier gemaakt werd. Het plan werd door René, Frank en Simon direct opgevat om daar deze vakantie nog een pint te pakken, maar vandaag even niet.

Twee minuten later betraden we Hotel Ravel. Het eerste wat direct opviel was dat de normale ingang verspert was dat we omgeleid werden naar een achterdeurtje. Daar binnengekomen moesten we het gehele hotel doorkruizen en zagen we ook dat er op heel veel plaatsen aan het hotel geklust werd. Er bleek een grote renovatie aan de gang te zijn, wat verrassend genoeg nergens op de site of bij booking.com vermeld stond. Het inchecken ging verder feilloos, een grote, donkere meneer achter de counter deed dat lekker snel, logte ons in op de WiFi en vertelde dat er een hele goede rooftop bar bovenop het hotel was die om 23.00 uur open zou gaan en tot die tijd konden we daar dineren. Of hij even een tafeltje voor ons moest reserveren? Dat aanbod lieten we aan ons voorbij gaan, want ondanks de lange reis wilde we toch wel graag op de eerste dag even naar Manhattan toe, zodat we gelijk goed in het ritme van de stad zouden komen.

Mooi uitzicht oude Queensboro Bridge
Onze kamer zat op de 4de etage en was lekker ruim (55 m2, dat is in New York meer uitzondering dan regel), met een fijne badkamer. Het uitzicht was ook erg goed, want we konden de Queensboro bridge bijna aanraken! Na eerst even contact gezocht te hebben met onze Big Apple Greeter, Ellen Gasnick, met wie me de dag erop een wandeling door Bronx zouden maken (wat maar goed was ook, want Ellen dacht dat we in een ander hotel zaten, waardoor we elkaar zeker gemist zouden hebben, maar nu konden we bij Radio City Music Hall afspreken) en ons wat opgefrist te hebben lieten we ons naar de metro vervoeren, stapten daar oude E-lijn en stonden met 20 minuten op Manhattan. Daar werd eerst een van onze eerste levensbehoeften ingevuld, namelijk bij een T-Mobile winkel werd voor iedereen een lokale SIM plus pre paid mobiel internet bundel aangeschaft (ondanks dat er een negatieveling in de groep was die dacht dat het op die eerste dag niet zou lukken, ik noem geen namen en Frank en René doen dat ook niet). Daarna was het een klein stukje lopen voordat we de eerste hamburgers van deze vakantie ons goed lieten smaken.

Na het diner waren de meesten wel moe en besloten we terug te gaan naar het hotel. Dus hup, weer de E-lijn in, uitstappen bij Court Street, Ravel bellen voor een pick up met de auto (dat ging ook soepeltjes) en hup naar bed en slapen.....maar dat laatste viel voor mij niet mee. Hoewel de anderen er geen last van schenen te hebben door de vermoeidheid, hoorde ik het geluid van de nachtclub boven ons alsof er een cd in onze kamer was opgezet. Wat een klote herrie......en dat wel tot 4 uur 's nachts. Ik heb tot die tijd nog wel wat gedommeld, maar pas om 4 uur kon ik echt de slaap vatten, om vervolgens om 6.00 uur weer klaar en klaar wakker te zijn.....

John F Kennedy Airport en de E-train

De E-train was snel gevonden
JFK zorgde voor een flinke verrassing. Daar waar we beducht waren om een hele lange tijd in de rij te staan bij de douane vanwege eigen eerdere ervaringen en horror verhalen van vrienden en kennissen, was daar deze keer echt helemaal geen sprake van. Frank en ik gingen helemaal soepel door de douane na gebruik making van de machines die in de aankomsthal stonden, Simon en René moesten toch nog langs de klassieke weg, maar na maximaal een kwartiertje waren we allemaal gepasseerd. Ook de tassen kwamen bijna als eerste van de band, waardoor we snel over konden gaan naar de volgende actie: het regelen van het vervoer naar het hotel. Aangezien het Memorial Day Weekend was, was het erg druk op de weg, dus besloten we om te gaan voor hét vervoermiddel van New York, de metro. Na eerst een klein stukje met de airtrain naar het station Jamaica (bekend van het nummer Funkin for Jamaica) kwamen we op het bijbehorende metro station. Daar kochten we voor 31 dollar een weekkaart voor het openbaar vervoer van New York (een echte aanrader voor iedereen, zo goed en goedkoop heb ik openbaar vervoer nog nergens te wereld gezien). Vervolgens pakten we de E-train (deze zouden we de komende dagen nog veelvuldig gebruiken) die ons van het meest oostelijke punt van Queens naar het meest westelijke puntje, Long Island City, bracht, waar ons hotel voor de komende negen dagen op ons wachtte.

Op naar New York

Op 22 mei was het dan weer zover. Het jaarlijkse uitje van Frank, Simon, René en mijzelf (beter bekend als "The Boys") naar de Verenigde Staten van Amerika ging weer los. Dit jaar was het een weerzien met een oude liefde, namelijk New York City, de stad waar we in 1993 als eerste voet aan de grond zetten om onze "Tour de America" te gaan maken. De vlucht vertrok om 13.30 uur, ik was er van overtuigd dat ik daarom nog wel tijd had om eerst nog even een bokslesje te doen, maar de algemene status bij de groep was "we willen weg". Dus verzamelden we rond 10.30 uur op Schiphol, waarna we bijzonder soepel door het inklaren van de bagage gingen (de instapkaarten hadden we allemaal de dag ervoor al digitaal geregeld) en ook de douane verliep zonder problemen. Ik had zelfs nog even de tijd om mijn Privium pas te laten verlengen, wat de dag ervoor door een gebrek aan het bij me hebben van mijn paspoort niet gelukt was. Daarna kwam er echter een kleine tegenvaller. We hadden onze zinnen gezet om een Noodle Soup te gaan eten op Schiphol, maar door alle renovatie daar, was deze plek verdwenen :-(. Daarom maar een broodje bij Bread gehaald (natuurlijk veel te duur voor wat je daar krijgt, eigenlijk een echte afrader), de telefoons nog een keer goed opgeladen en daarna maar naar de gate. Daar was het borden reeds begonnen en er stond een lange rij, maar gebruik makend van mijn Sky Priority status kon ik ons allemaal snel langs de rij loodsen. We namen plaats op de achterste rij in het vliegtuig, beetje jammer dat de stoelen niet naar achteren konden. Maar wat denk je: we hadden even fout gekeken en zaten eigenlijk een rij daarvoor! Dus snel verplaatst, koptelefoons op om films te kijken (oa Kingsmen The Secret Service, leuke film met enkele klassieke uitspraken die de hele vakantie terug zouden komen!!) en voordat we het wisten was het 8 uur verder en landden we alweer op JFK. The Boys Are Back In Town!!!!

zondag 29 maart 2015

Zandvoort Circuit Run 2015

De helden van Zandvoort
Een half jaar geleden had ik me ingeschreven voor de Zandvoort Circuit Run 2015. Dit is een van de meest populaire hardloopwedstrijden van Nederland, getuige het feit dat er dit jaar meer dan 13.000 lopers meededen. Aangezien de wedstrijd eind maart gelopen wordt, de lente tegenwoordig in Nederland vroeg begint en de foto's van de 2014 versie een zonovergoten dag toonde, ging ik er vanuit dat dit een fijne loop zou worden waar ik in korte broek en met korte mouwen aan de start kon verschijnen. Door mijn overtuigingskracht en deze argumenten ging ook Simon overstag en schreef zich in. Hartstikke leuk, ik had er veel zin in en we dachten er ook aan om na de wedstrijd de dorpsfeesten van Zandvoort te gaan bezoeken. Echter, de weergoden hadden andere gedachten en toen ik 's ochtends uit het raam keek zag ik de donkere wolken al samen pakken en de eerste druppels kwamen al snel naar beneden. En dat werd gedurende de rest van de dag niet minder. Om mezelf toch op te peppen deed ik 's ochtends eerst nog een boksles bij Health City en precies op het moment dat ik thuis kwam, arriveerde ook Simon. Na ons omgekleed te hebben liepen we naar het station in Halfweg om daar de trein naar Zandvoort te nemen. De reis nam 30 minuten in beslag, inclusief een discussie in een stilte coupe en een wachttijd van 10 minuten op Haarlem.

Buiten het station regende het nog steeds. Hoewel, regen.....het was een mix van grote druppels, hagel en natte sneeuw. En de wind werd steeds harder en harder. Na een stief kwartier lopen kwamen we aan op het circuit, waar twintig minuten later de start zou zijn. Dus snel nog even omkleden, tas inleveren en naar de start. Ondanks al het water wat we al op ons hadden gekregen, hadden we er goede zin in en onder aansporing van de man die het geheel aan elkaar praatte, deden we een korte warming up en strak om 13.40 klonk het startschot. Daar ging we, over het circuit en dat was echt een gave ervaring. Grappig ook om te merken dat het circuit niet vlak is, er zitten vele heuveltjes in en ook de baan zelf liep erg scheef. De eerste vier kilometer zat er dan ook zo op en zowel Simon als ikzelf liepen makkelijk. Toen draaide de wereld echter even om. We gingen het asfalt af, waarbij de laatste stappen door diepe plassen waren, waardoor onze schoenen doorweekt raakten, draaiende een paar scherpe bochten en liepen toen het mulle zand van het strand van Zandvoort op. Dat bleek een pittige opgave: 4 km lang over het zand met windkracht 9 vol tegen en continue zand, hagel, natte sneeuw en ijzige regen in je gezicht en tegen je lichaam. Veel mensen moesten adem pauzes nemen en er bleek ook iemand in een gat gestapt te zijn en daarbij zijn enkel gebroken te hebben. Het verstand ging op nul en de blik op oneindig en het was doorbeuken om naar het einde te komen, wat ook nog eens heuvel op ging. Het was daarom echt een genot om het strand af te gaan en uiteindelijk in het dorp terecht te komen, wat wat meer stevigheid voor de enkels gaf en omkeer beschutting tegen de slagregens en de windhozen. Dat we onze krachten goed verdeeld hadden bleek wel, want de laatste vier kilometer waren onze snelsten en we haalden ook nog heel veel mensen in. De regen nam niet af, het werd zelfs steeds erger en ook de wind ging steeds heftiger tekeer. Met de finish in zicht deden we nog 1 versnelling en kwamen Simon en ik nagenoeg gelijk over de finish (Simon nog net iets eerder).

Met een flesje AA (waarom altijd die blauwe!!!!) in de hand en de medaille om de nek liepen we naar de tent om onze tassen te halen. Dat bleek nog een flink stuk strak door de regen, maar met de tassen met droge kleren in de hand gingen we uiteindelijk naar de Runners Tent om, samen met vele anderen ons om te kleden en in wat drogere kleren te heisen. Wat kan een warme trui dan toch lekker zijn :-). Na een half uurtje moesten we toch weer richting huis en, he, het regende nog steeds. Anderhalve kilometer later waren we weer op het station, waar we op de foto moesten met de dames van de NS. De trein zat stampvol en als niemand dan gedoucht heeft, ruikt het toch niet heel erg fris in de trein. Maar goed, ik vond de toch heroïsch en ik heb er uiteindelijk veel van genoten. Volgend jaar, als het 21 graden is, dan kijken we hier natuurlijk met heimwee op terug!!

maandag 2 maart 2015

Jeff Healy Band: See the Light

Mijn eerste CD
In de auto heb ik soms de radio aanstaan als een soort achtergrond geluid. Radio 2 werkt daar erg goed bij. Zo reed ik afgelopen week naar Zutphen om iets voor RetroAns op te halen toen ik een programma hoorde, waarin iemand iets vertelde over een favoriet nummer en uitlegde dat zij daar warme herinneringen aan had, omdat het stond op de eerste CD die ze ooit kocht nadat ze van haar ouders een CD speler had gekregen (toen nog 1000 gulden kostend). Ik moest toen gelijk terug denken aan mijn eerste CD. Ik was met geslaagd voor mijn propedeuse economie (1988) en had van vele familieleden geld gekregen als "cadeau" hiervoor en daarmee kon ik een CD-speler kopen (een Sony, lekker eenvoudig in de bediening weet ik nog) en hield ik nog geld over voor 1 CD. Dat was natuurlijk een lastige keuze, want hoe kun je nou uit al die muziek de juiste keuze maken (dat is wel wat eenvoudiger geworden met Spotify :-)). Ik was op dat moment echter helemaal into gitaristen en was mijn horizon qua muziek wat aan het verbreden, zodat ik niet meer alleen naar heavy metal, hard rock en punk luisterde, maar ook blues erg kon waarderen. Op Countdown had ik een interview gezien met een rijzende ster aan het firmament, de Canadees Jeff Healey, die mij nog eens extra intrigeerde, omdat hij blind was en zijn gitaar niet op de traditionele manier vasthield, maar hem op zijn schoot neerlegde en op die manier bespeelde. De eerste CD van zijn band, getiteld See The Light, was net uit en ik besloot dat dat geen toeval kon zijn en ging tot aanschaf over. Ik weet nog goed dat de cover van lichtbruin papier was en veel weg had van een aanplakbiljet zoals je die wel eens in een rock kroeg zag waneer de plaatselijke rockband op ging treden. Dat gaf nog meer het gevoel alsof je bij een klein concert aan kon schuiven. Vanaf de eerste tonen van Confidence Man knalt de vuige bluesrock door de speakers en ligt de wat deze stem van Jeff heerlijk in het gehoor. Het was een feest om de CD te luisteren en ik heb hem echt helemaal grijs gedraaid (zelfs de instrumentale nummers).

Bij het schrijven heb ik het album, nu via Spotify, opgezet en anno 2015, 27 jaar nadat het album is uitgekomen klinkt het nog steeds al een klok. Bizar genoeg is Healey vandaag precies 7 jaar geleden overleden (2-3-2008) aan de ziekte die hem ook blind maakte, een kankergezwel achter zijn ogen. Hij werd 41 jaar, veel te jong natuurlijk, maar gelukkig heeft hij een paar meesterwerkjes achtergelaten waarin hij voortleeft.